Kabinet spreekt over instellen van het eerst 'vrijwillige' dienstplicht
Staatssecretaris Boswijk sprak in de Tweede Kamer de hoop uit dat Nederland een algemene oproep voor militaire dienst zal vermijden, hoewel hij dit niet kan garanderen: “Ik hoop dat verplichte dienst niet nodig zal zijn, maar ik kan het uitsluiten."
De discussie ging over een voorstel in het regeerakkoord om een selectieve dienstplicht in te voeren als het ministerie van Defensie niet binnen vier jaar uitbreidt tot 122.000 medewerkers; de organisatie telt momenteel ongeveer 80.000 medewerkers, inclusief burgers en reservisten.
Oppositiepartijen als GroenLinks-PvdA en Denk uitten hun grote bezorgdheid. Jongeren zijn bang dat ze gedwongen worden om dienst te nemen of dat ze consequenties krijgen als ze weigeren. In Zweden bestaat er al een selectieve dienstplicht, waarbij jongeren die niet reageren een boete kunnen krijgen. Kamerleden vroegen of degenen die weigeren zich zorgen moeten maken over gevangenisstraf of verplichte trainingen, en waarschuwden voor de mogelijke ontmoediging van de opgeroepen jongeren.
Begint met vrijwilligers
Boswijk gaf aan dat hij zich in eerste instantie zou concentreren op gemotiveerde aanmeldingen en een geleidelijke aanpak: beginnen met een vrijwillige enquête, vervolgens overgaan op een verplichte enquête; als dit niet tot voldoende resultaten leidt, kunnen verplichte interviews en medische keuringen volgen.
Hij wil groepen motiveren om zich aan te melden en verwijst daarbij naar het voorbeeld van koningin Máxima, die zich als reservist heeft aangemeld en daarmee de belangstelling heeft vergroot.
Details nog onduidelijk
Officieel blijft de dienstplicht voor personen tussen 17 en 45 jaar van kracht, maar deze is sinds 1997 opgeschort en kan in oorlogstijd snel opnieuw worden ingesteld. Boswijk zal ingaan op de details van het selectieve dienstplichtstelsel en in gesprek gaan met oppositiepartijen.