De Spaanse Guardia Civil, onder leiding van de UCO-eenheid en bijgestaan door het patrouilleschip Duque de Ahumada, nam het schip in beslag in de buurt van Dakhla en begeleidde het naar Las Palmas op Gran Canaria.
De Arconian voer onder Comorese vlag en verkeerde volgens functionarissen in slechte staat. Het schip was eind april vertrokken uit Freetown, Sierra Leone, met Benghazi, Libië, als opgegeven bestemming; die route en aanvullende aanwijzingen maakten het schip verdacht.
De cocaïne werd aangetroffen in de laadruimen. In totaal zijn 23 bemanningsleden van diverse nationaliteiten — waaronder Filippino’s, Angolezen en Nederlandse staatsburgers — aangehouden op verdenking van grootschalige drugshandel. De Spaanse Audiencia Nacional voert een geheim onderzoek uit naar de zaak, waarbij de nadruk ligt op internationale criminele organisaties en de rol van West-Afrika als doorvoerroute.
De vondst past in een patroon waarbij drugskartels gebruikmaken van schepen van het type ‘dark fleet’ en Afrikaanse routes om aanzienlijke hoeveelheden cocaïne naar Europa te vervoeren.









