De Belgische regering reageert met een complexe spreidstand op de recente escalatie in het Midden-Oosten. Terwijl minister van Buitenlandse Zaken Maxime Prévot (Les Engagés) de Amerikaans-Israëlische aanval op Iran een inbreuk op het internationaal recht noemt, bestempelt hij deze tegelijk als "gerechtvaardigd". Minister van Defensie Theo Francken (N-VA) gaat nog een stap verder en hoopt openlijk op de val van het Iraanse regime.
Regionale escalatie na operatie Epic Fury
De grootschalige militaire operatie, door de VS en Israël Operation Epic Fury gedoopt, vond plaats op zaterdag 28 februari en heeft het landschap in het Midden-Oosten drastisch veranderd. Bij de bombardementen kwamen volgens de Iraanse Rode Halve Maan 201 mensen om het leven, onder wie de Iraanse leider Ayatollah Ali Khamenei en diverse hooggeplaatste functionarissen, en vielen er 747 gewonden. Iran reageerde direct met vergeldingsaanvallen op doelen in Israël en op Amerikaanse bases in Qatar, de Verenigde Arabische Emiraten en Bahrein.
Complexe spagaat binnen de regering
Minister Prévot veroordeelde de Iraanse vergeldingsacties in de strengste bewoordingen, maar plaatste ook juridische kanttekeningen bij de initiële aanval van de VS en Israël. In een interview op de RTBF-radio gaf hij aan dat België, als verdediger van het internationaal recht, moet erkennen dat de operatie niet aan de wettelijke normen voldeed.
Tegelijkertijd wees hij op de geopolitieke realiteit en de repressieve aard van het Iraanse regime. Omdat jarenlange diplomatieke pogingen om de nucleaire en ballistische programma's van Iran een halt toe te roepen zijn mislukt, was militair ingrijpen volgens Prévot een noodzakelijk laatste redmiddel om een bredere veiligheidscrisis te voorkomen.
Minister van Defensie Theo Francken (N-VA) hanteerde op Radio 1 hardere taal. Hij noemde de aanval "absoluut gerechtvaardigd" en wees kritiek over mogelijke schendingen van het internationaal recht van de hand als "voer voor juristen".
Volgens Francken is de VN-Veiligheidsraad verworden tot een club van vriendjespolitiek. Hij sprak openlijk de hoop uit dat het huidige regime volledig instort, wat volgens hem niet alleen essentieel is voor de veiligheid, maar ook kansen biedt voor een vrije, pro-westerse afzetmarkt en toegang tot olie- en gasvoorraden.
Botsing over de Iraanse ambassadeur
Binnen de meerderheid zorgt de situatie intussen voor politieke hoogspanning. MR-voorzitter Georges-Louis Bouchez eiste de onmiddellijke uitwijzing van de Iraanse ambassadeur in België. Volgens Bouchez mag het internationaal recht niet dienen om autoritaire regimes te beschermen die hun eigen bevolking uitmoorden.
Prévot diende hem echter stevig van antwoord en waarschuwde voor de verleiding van "gemakkelijke oneliners". Het uitwijzen van de ambassadeur zou het Belgische diplomatieke personeel in Teheran in gevaar brengen, op een moment dat hun aanwezigheid van cruciaal belang is.
Duizenden gestrande landgenoten
Die diplomatieke aanwezigheid is hard nodig, aangezien er zich momenteel zo'n 26.000 Belgen in de wijdere regio bevinden. Onder hen zijn 2450 toeristen, van wie de helft in Dubai, die gestrand zijn door gesloten luchtruimen. Prévot benadrukte dat onmiddellijke evacuatie momenteel onmogelijk is en riep reizigers op tot geduld en het strikt opvolgen van lokale veiligheidsvoorschriften.
Europese noodkreet om de-escalatie
De escalatie domineerde tevens een buitengewone online bijeenkomst van de Europese ministers van Buitenlandse Zaken, voorgezeten door de Hoge Vertegenwoordiger Kaja Kallas. Daar pleitte België voor aanhoudende diplomatieke inspanningen en drong Prévot er bij Iran op aan om volledig samen te werken met het Internationaal Agentschap voor Atoomenergie (IAEA).
De waarschuwing vanuit Brussel is duidelijk: als de escalatie niet stopt, zullen de gevolgen voor het Midden-Oosten, Europa en de wereldeconomie onberekenbaar zijn, met name als het gaat om de vrije doorvaart in strategische zeeroutes zoals de Straat van Hormuz.













