Vier jaar na de grootschalige Russische inval in Oekraïne leunt de Europese Unie aanzienlijk minder op Russische olie en gas. Toch schiet REPowerEU, het ambitieuze EU-plan dat in mei 2022 werd gepresenteerd om lidstaten energie-onafhankelijk te maken en de energietransitie te versnellen, ernstig tekort. Dat concludeert de Europese Rekenkamer (ERK) in een kritisch rapport.
Honderden miljarden euro's blijven op de plank liggen
Om de afhankelijkheid van Russisch fossiel af te bouwen, kwam 300 miljard euro uit het coronaherstelfonds beschikbaar. Lidstaten konden dit geld gebruiken voor investeringen in hernieuwbare energie, zoals wind- en zonneparken, of het afsluiten van alternatieve energiecontracten. Vier jaar na de start is het programma volgens Rekenkamerlid Mihails Kozlovs echter tot stilstand gekomen.
Van het beschikbare budget is tot nu toe minder dan 55 miljard euro (slechts 54,3 miljard) benut. De meeste van de 27 EU-landen hebben niet eens een aanvraag ingediend. Dit komt mogelijk doordat een groot deel van het budget uit leningen bestaat of doordat de investeringsbehoefte vooraf te hoog is ingeschat. Daarnaast schiet het toezicht van de EU op de voortgang van eenmaal goedgekeurde projecten tekort.
Daling door sancties en milde winters, niet door EU-plan
Hoewel de import van Russische brandstoffen fors is gedaald, is dat volgens de onderzoekers vooral toe te schrijven aan de tientallen ingestelde sanctiepakketten, milde winters en een lager energieverbruik door de hoge prijzen. Het directe effect van REPowerEU is daardoor veel kleiner dan het lijkt.
Bovendien blijft het onduidelijk hoeveel Russische olie via derde landen of via de schaduwvloot van tankers de EU binnenkomt. Sommige EU-landen voerden in 2024 zelfs meer gas in dan voor de oorlog.
Recordimport van lng en nieuwe afhankelijkheid
In de eerste helft van dit jaar importeerden EU-landen zelfs recordhoeveelheden vloeibaar aardgas (lng) uit Rusland. Omdat er per eind 2027 een EU-breed importverbod op Russisch lng ingaat, lijken landen nog snel hun slag te slaan. Dit levert Rusland directe inkomsten op voor de oorlogskas, wat wrang is voor bondgenoot Oekraïne.
Tegelijkertijd ontstaat er een nieuwe afhankelijkheid. Door de bouw van nieuwe infrastructuur, zoals de lng-terminal in de Eemshaven, verschuift de Europese afhankelijkheid nu van Rusland naar de Verenigde Staten en Noorwegen.
Stilstand bij duurzame projecten
De beoogde versnelling van de energietransitie levert in de praktijk te weinig op. Van de geplande 103 gigawatt aan extra zonne- en windenergie wordt naar verwachting nog geen vijfde gerealiseerd. Ook van de drie geplande projecten om Europese elektriciteitsnetten met elkaar te verbinden, is er al één volledig geschrapt.
De transitie stuit op praktische obstakels zoals trage vergunningstrajecten, personeelstekorten en een overbelast stroomnet. Nederland ontvangt bijna 800 miljoen euro uit het fonds en is volgens de Rekenkamer goed bezig, hoewel ook daar vergunningen sneller verleend moeten worden.
Oproep tot een nieuwe impuls
De Rekenkamer vindt de resultaten na vier jaar onvoldoende en stelt dat het energieplan een sterke nieuwe impuls nodig heeft. Alleen als Europa de aanpak van netcongestie, batterijen en waterstof prioriteit geeft, kan het daadwerkelijk op eigen benen staan. De Europese Commissie geeft in een reactie aan de aanbevelingen van de Rekenkamer over te nemen, maar legt zelf vooral de nadruk op de resultaten die tot nu toe wél zijn behaald.























