De Vlaamse regering heeft maandag 22 december 2025 een ingrijpende koerswijziging aangekondigd in haar defensiebeleid. Met een nieuw wapenhandeldecreet worden de regels voor export binnen de EU versoepeld, terwijl er via een nieuwe industriële strategie fors wordt geïnvesteerd in defensietechnologie. Minister-president Matthias Diependaele (N-VA) spreekt van een noodzakelijke modernisering om de Vlaamse industrie te versterken en de Europese veiligheid te dienen, al klinkt er vanuit de vredesbeweging scherpe kritiek.
De Vlaamse regering zet hiermee een punt achter de terughoudendheid die jarenlang het beleid rondom de defensie-industrie kenmerkte. De sector wordt niet langer louter gezien als een ethisch heikel punt, maar expliciet omarmd als een strategische en economische hefboom. De maatregelen omvatten twee grote pijlers: het nieuwe Wapenhandeldecreet en de Vlaamse Innovatie- en Industriestrategie voor Veiligheid en Defensie (VISD).
Van 5 naar 50 miljoen euro
Met de nieuwe strategie wil Vlaanderen zijn positie in de hoogtechnologische defensiemarkt – zoals luchtvaart, ruimtevaart en artificiële intelligentie – verstevigen. De regering wil voorkomen dat veelbelovende proefprojecten stranden en wil ze begeleiden naar effectieve toepassingen voor het leger of internationale partners.
Om deze ambitie kracht bij te zetten, wordt het budget aanzienlijk verhoogd. De investeringen starten met 5 miljoen euro, maar moeten tegen 2029 groeien naar 50 miljoen euro per jaar. Daarnaast worden er initiatieven zoals de Defence Innovation Flanders Days opgezet om bedrijven te helpen partners te vinden.
“Vlaanderen heeft sterke innovatieve bedrijven en kennisinstellingen,” aldus minister-president Diependaele. “Om deze technologie te laten groeien en klaar te maken voor onze eigen defensie of NAVO-samenwerking, trekken we de investeringen op.”
Einde aan ‘Gold Plating’
Parallel aan de investeringen wordt de regelgeving voor export herzien. Het vorige decreet (uit 2012, herzien in 2017) werd door de industrie als te complex en rigide ervaren. Volgens de regering deed Vlaanderen vaak aan gold plating: het opleggen van strengere regels dan wat Europa strikt genomen eist.
Het nieuwe decreet moet die extra drempels wegnemen en zorgen voor een gelijk speelveld met andere Europese landen. Concreet betekent dit:
Versoepeling binnen de EU en NAVO: De procedures voor handel met EU-lidstaten en vertrouwde partners worden eenvoudiger en sneller. Er wordt uitgegaan van vertrouwen in het controlesysteem van de bondgenoten.
Risicogebaseerde aanpak: De zwaarte van de vergunningsprocedure wordt afhankelijk van het risico. Voor gevoelige bestemmingen blijft een strikt regime gelden.
Politiek compromis: Israël en sanctielanden
Binnen de Vlaamse coalitie lag de versoepeling gevoelig. Waar N-VA aandrong op verregaande liberalisering, trapten coalitiepartners Vooruit en CD&V op de rem, mede door eerdere discussies over export naar Israël.
Het compromis houdt in dat de waarborgen voor risicolanden behouden blijven. Zo blijft het exportverbod voor wapens naar Israël van kracht. Ook voor landen die getroffen zijn door sancties of gewapende conflicten (zoals Soedan of Oost-Congo) blijven strenge controles op het eindgebruik en een volledige vergunningsprocedure verplicht.
Kritiek: "Controle uit handen gegeven"
Ondanks de politieke garanties reageren vredesorganisaties en experts bezorgd. Vredesactie waarschuwt dat de nieuwe regels de poort openzetten voor ongewenste doorvoer. Het risico bestaat dat Vlaamse componenten makkelijk naar een buurland als Duitsland of Frankrijk worden geëxporteerd, om van daaruit alsnog in conflictgebieden terecht te komen.
Nils Duquet van het Vlaams Vredesinstituut deelt die analyse: “Met dit beleid laat Vlaanderen de controle los over waar een partnerland militair materiaal met Vlaamse onderdelen naartoe stuurt.” Hij wijst erop dat EU-lidstaten de regels verschillend interpreteren en dat Vlaanderen zo de grip verliest op het eindgebruik van zijn technologie.
Boerenjaar voor de industrie
De versoepeling komt op een moment dat de Vlaamse defensie-industrie al op volle toeren draait. Uit cijfers blijkt dat er in 2024 voor 159 miljoen euro aan militair materiaal werd verhandeld. Voor 2025 stond de teller in september al op 263 miljoen euro. Met de nieuwe regels en miljoeneninvesteringen lijkt de Vlaamse regering vastbesloten om die groeicurve de komende jaren steil omhoog te jagen.
















