Historisch besluit: D66, VVD en CDA wagen de sprong naar een minderheidskabinet

De keuze voor een minderheidskabinet was geen eerste keus, zeker niet voor de VVD. D66 blokkeerde deze optie echter. De inhoudelijke verschillen op het gebied van klimaat, asiel en Europa waren voor Jetten onoverbrugbaar.

By
ARCHIEFFOTO - Als alles volgens plan verloopt, kan het nieuwe kabinet naar verwachting half februari op het bordes staan / Reuters

De kogel is door de kerk: D66, VVD en het CDA hebben definitief besloten om een minderheidskabinet te vormen. Na weken van onderhandelingen op landgoed De Zwaluwenberg onder leiding van informateur Rianne Letschert, kiezen de drie partijen voor een in Nederland zeldzame bestuursvorm. Rob Jetten (D66), die getipt wordt als de nieuwe premier, spreekt van een uitdaging: "Het wordt hard werken, maar we denken dat we het kunnen."

De keuze markeert een breuk met de politieke traditie van de afgelopen decennia, waarin dichtgetimmerde coalitieakkoorden en meerderheidskabinetten de norm waren. Informateur Letschert noemt het besluit "de realiteit van het moment" en benadrukt dat deze variant een nieuwe samenwerking met het parlement vereist.

Geen meerderheid in beide Kamers

De politieke realiteit is weerbarstig. De drie partijen beschikken samen over slechts 66 zetels in de Tweede Kamer, tien te weinig voor een meerderheid. In de Eerste Kamer is het tekort nog nijpender: daar komt de coalitie 16 van de 75 zetels tekort.

In tegenstelling tot het kabinet-Rutte I, dat kon leunen op vaste gedoogsteun van de PVV, is er nu geen sprake van een vaste partner. Dit betekent dat het nieuwe kabinet voor elk wetsvoorstel en elke begroting "moet gaan shoppen" bij de oppositie om aan de benodigde 76 stemmen te komen.

'Nieuwe politieke cultuur' of 'riskant experiment'?

CDA-leider Henri Bontenbal hoopt dat deze noodgedwongen constructie leidt tot een "nieuwe politieke cultuur", waarbij de oppositie meer medeverantwoordelijkheid neemt. Het idee is om per dossier wisselende meerderheden te zoeken:

  • Voor klimaat en stikstof wordt gekeken naar steun van links (GroenLinks-PvdA).
  • Voor migratie en veiligheid wordt gehoopt op steun van rechts (JA21, en mogelijk anderen).

De oppositie reageert vooralsnog sceptisch. Een woordvoerder van de GroenLinks-PvdA-alliantie noemt de constructie een "riskant politiek experiment" dat tot onnodige onzekerheid zal leiden. Ook JA21 spreekt van een "gemiste kans", maar belooft het beleid met een "opbouwend kritische blik" te beoordelen. De PVV verwacht weinig stabiliteit en speculeert nu al over verkiezingen volgend jaar.

De rol van JA21 en de VVD

De keuze voor een minderheidskabinet was geen eerste keus, zeker niet voor de VVD. Partijleider Dilan Yeşilgöz heeft tot het laatst geprobeerd om JA21 (9 zetels) bij de coalitie te betrekken. Daarmee zou de coalitie op 75 zetels zijn gekomen, waardoor er slechts één extra stem nodig zou zijn voor een meerderheid.

D66 blokkeerde deze optie echter. De inhoudelijke verschillen met de partij van Joost Eerdmans op het gebied van klimaat, asiel en Europa waren voor Jetten onoverbrugbaar. Bovendien vreesde D66 dat samenwerking met JA21 de deur naar steun van links (GroenLinks-PvdA) definitief in het slot zou gooien. Yeşilgöz erkent nu dat de huidige vorm "niet uit weelde" is geboren, maar dat ze vol vertrouwen het pad opgaat.

Hoe nu verder?

De komende weken staan in het teken van "koffiedrinken". Jetten, Yeşilgöz en Bontenbal gaan gesprekken aan met andere fractieleiders om te tasten waar steun mogelijk is voor grote thema's als woningbouw, defensie en geopolitiek. Daarnaast moet er nog inhoudelijk onderhandeld worden over het regeerakkoord en moeten de ministersposten worden verdeeld.

Als alles volgens plan verloopt, kan het nieuwe kabinet naar verwachting half februari op het bordes staan.