De recente Amerikaanse luchtaanvallen in Venezuela en de gemelde gevangenneming van president Nicolás Maduro hebben in België tot uiteenlopende reacties geleid. Terwijl minister van Buitenlandse Zaken Maxime Prévot (Les Engagés) de veiligheid van de landgenoten als absolute prioriteit stelt en pleit voor het respecteren van het internationaal recht, klinkt er vanuit linkse politieke hoek en het maatschappelijk middenveld harde kritiek op het Amerikaanse optreden.
Na de bevestiging van de Amerikaanse president Donald Trump dat er "grootschalige" aanvallen zijn uitgevoerd en Maduro het land is uitgezet, reageerde minister Prévot in eerste instantie bezorgd over de Belgische onderdanen ter plaatse. Volgens het ministerie van Buitenlandse Zaken verblijven er momenteel naar schatting 230 Belgen in Venezuela.
"Gezien de situatie is de veiligheid van onze burgers een absolute prioriteit," aldus Prévot op sociaalmediaplatform X. Hij benadrukte dat de Belgische ambassade in Bogotá (Colombia), die bevoegd is voor Venezuela, en de diensten in Brussel volledig gemobiliseerd zijn. De situatie wordt "nauwlettend gevolgd in coördinatie met onze Europese partners."
Oproep tot respect voor internationaal recht
In een latere, meer inhoudelijke reactie nuanceerde Prévot het standpunt van de regering. Hoewel hij stelde dat Maduro verantwoordelijk moet worden gehouden voor zijn daden en dat de Venezolanen een "democratisch en legitiem regime" verdienen – iets wat ze onder Maduro niet hadden – waarschuwde hij voor willekeur.
"Zoals België al herhaaldelijk heeft gezegd, moet het internationaal recht onder alle omstandigheden worden gerespecteerd," stelde Prévot. "We hebben allemaal belang bij een op regels gebaseerde orde." De minister hoopt op een snelle de-escalatie en een vreedzame overgang waarbij de burgerbevolking gespaard blijft.
Felle kritiek van PS en PTB
Vanuit de politieke oppositie klinkt de taal scherper. De PTB-PVDA veroordeelde de "criminele en illegale bombardementen" en noemde ze een oorlogsmisdaad. De partij doet de Amerikaanse rechtvaardiging van drugsbestrijding af als een voorwendsel voor "imperialistische plundering", gericht op de Venezolaanse olie- en mineraalreserves.
Ook Paul Magnette, voorzitter van de PS, sprak zijn solidariteit uit met het Venezolaanse volk. Hij bekritiseerde de militaire interventie en stelde dat "democratie niet met geweld kan worden opgelegd". Volgens Magnette kan het autoritaire regime van Maduro worden aangeklaagd zonder daarbij "imperialistische acties" te legitimeren.
Protest aan Amerikaanse ambassade
De onvrede over de Amerikaanse interventie vertaalde zich zondagmiddag ook naar de straat. Zo'n 400 betogers verzamelden zich aan de Amerikaanse ambassade in Brussel om de "illegale ontvoering" van Maduro aan te klagen.
Ludo De Brabander van Vrede vzw, een van de initiatiefnemers, noemde de inval een duidelijke inbreuk op het internationaal recht. "Als het ene land het andere zomaar kan aanvallen, dan geldt de wet van de jungle," aldus De Brabander. Hij uitte tevens kritiek op de "lauwe reactie" van Europa: "Men weigert dit te veroordelen. Spanje is het enige Europese land dat op dit moment een beetje weerwerk biedt. Ook België moet een pak sterker reageren."
De demonstranten delen de lezing dat Trump de beschuldigingen van drugshandel gebruikt om de Venezolaanse grondstoffen veilig te stellen, ten koste van de invloed van China in de regio.















