De federale regering onder leiding van premier Bart De Wever (N-VA) is er woensdagavond niet in geslaagd een doorbraak te bereiken over de begrotingsopmaak. Na urenlang overleg en een overschakeling op bilaterale gesprekken tussen de premier en de vicepremiers is besloten om de begrotingstabel de komende dagen lijn per lijn in detail te overlopen. Coalitiepartner Vooruit wenst meer tijd om de voorgestelde maatregelen grondig uit te klaren.
Door het uitblijven van een snel akkoord verschuift de streefdatum naar het einde van oktober. Een overeenkomst voor die tijd is noodzakelijk om te voorkomen dat de regering het nieuwe jaar moet aanvatten met een noodbegroting van voorlopige twaalfden — een scenario dat De Wever absoluut wil vermijden. De regeringstop staat voor de opgave om tegen 2029 een bedrag van 10 miljard euro te vinden om een verdere ontsporing van de overheidsfinanciën een halt toe te roepen.
Zorgen over de stijgende overheidsschuld
De urgentie om tot een akkoord te komen wordt versterkt door recente cijfers van het Europese statistiekbureau Eurostat. Daaruit blijkt dat de Belgische overheidsschuld in het tweede kwartaal is opgelopen tot 110,2 procent van het bruto binnenlands product (bbp), wat neerkomt op een stijging van 0,8 procentpunt ten opzichte van het eerste kwartaal.
De totale overheidsschuld bedraagt nu 719,07 miljard euro, terwijl het begrotingstekort in het tweede kwartaal steeg naar 5,3 procent. Binnen de eurozone kennen alleen Griekenland (140,8 procent), Italië (139,9 procent) en Frankrijk (119,1 procent) een hogere schuldgraad.
Vicepremier Maxime Prévot (Les Engagés) wees erop dat België inmiddels tegen hogere rentes leent dan Griekenland en benadrukte dat de begrotingsoefening hoe dan ook tot een goed einde gebracht moet worden.
Tijdens een debat in de Kamer gaf premier De Wever aan dat de regering zich in "blessuretijd" bevindt. Hij waarschuwde dat het uitblijven van doortastende maatregelen het land kwetsbaar maakt voor de financiële markten en kan leiden tot een schuldencrisis.
Verdeeldheid en knelpunten binnen de coalitie
De inhoudelijke meningsverschillen tussen de coalitiepartners blijven vooralsnog groot. Minister van Volksgezondheid Frank Vandenbroucke (Vooruit) gaf voor de start van het kernkabinet aan dat hij niet bereid is overhaast beslissingen te nemen over een document van 78 pagina's met voorstellen die niet eerder in de kern zijn besproken.
Vooruit verzet zich tegen bezuinigingen op de gezondheidszorg en de indexering, en eist dat de sterkste schouders grotere financiële inspanningen leveren. De partij denkt hierbij aan maatregelen rond managementvennootschappen en een uitbreiding van de meerwaardebelasting.
Ook cd&v dringt aan op een grotere bijdrage van vermogenden en neemt geen genoegen met een verlaagd voorstel van 750 miljoen euro, waar eerder nog werd gesproken over 1 miljard euro.
Aan de andere kant van het politieke spectrum stelde David Clarinval (MR) dat de huidige plannen voor zijn partij nog te veel belastingdruk bevatten. Hoewel een groot deel van de begrotingstabel inmiddels is geconsolideerd, moet er nog over enkele miljarden euro's geschoven worden om een definitieve overeenstemming te bereiken.






















