Kabinet stemt niet een over herfinanciering van UNRWA
Minister Michiel Sjoerdsma wil de Nederlandse financiering voor de VN-hulporganisatie UNRWA dit jaar weer op 19 miljoen euro brengen, hoewel een meerderheid in het parlement zich vorige week tegen verlenging van die steun heeft uitgesproken.
In een brief aan het parlement vermeldt Sjoerdsma dat de urgente crisis in Gaza en de omgeving een zo effectief mogelijke verdeling van hulp vereist, waarbij UNRWA cruciaal is vanwege haar lokale infrastructuur en uitgebreide bereik.
Sinds 1949 levert UNRWA noodhulp, medische diensten en onderwijsondersteuning aan Palestijnse vluchtelingen. Vorig jaar heeft Nederland zijn bijdrage teruggebracht van 19 miljoen naar 11 miljoen euro, met het voornemen om de steun tegen 2030 volledig af te bouwen vanwege twijfels over de neutraliteit van de organisatie. Na 7 oktober werden negen medewerkers ontslagen vanwege mogelijke betrokkenheid; uit een daaropvolgend onderzoek bleek echter geen bewijs voor zo een relatie.
Sjoerdsma stelt dat deze verbeteringsprocessen gaande zijn en dat er momenteel beperkte alternatieven zijn voor het verlenen van noodhulp op grotere schaal.
Kabinet stuit op irritatie
Tegelijkertijd stimuleert het kabinet de toewijzing van hulp en steunt het de inspanningen van andere VN-organisaties en het Rode Kruis en de Rode Halve Maan, aangezien het niet wenselijk is dat hulp systematisch via één organisatie wordt gekanaliseerd.
Deze keuze wordt met politieke wrevel ontvangen. De begroting voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking werd vorige week goedgekeurd; D66 trok vervolgens zijn eerdere gezamenlijke voorstel met betrekking tot UNRWA in om de goedkeuring van de begroting in de Tweede Kamer te vergemakkelijken.
Ondertussen belemmerde Israël de hulp via de UNRWA. Het Internationaal Gerechtshof oordeelde dat Israël toegang tot hulp moet verlenen