Van Weel overtuigt Kamer van ‘nuchtere’ koers na arrestatie Maduro, Jetten houdt voet bij stuk

Buiten de muren van de plenaire zaal, in de beslotenheid van de kabinetsformatie, liggen de kaarten echter anders. D66-leider Rob Jetten weigert zich neer te leggen bij de pragmatische lijn van Van Weel.

By
Aruba / User Upload

Nederlands demissionair minister van Buitenlandse Zaken Caspar van Weel is erin geslaagd de Tweede Kamer te overtuigen van zijn pragmatische opstelling na de Amerikaanse interventie in Venezuela. Ondanks felle kritiek van de linkse oppositie kreeg het kabinet steun voor het besluit om de actie van de VS niet formeel te veroordelen.

Die politieke eenheid in de Kamer verhult echter een diepere verdeeldheid aan de formatietafel, waar D66-leider Rob Jetten lijnrecht tegenover de VVD en het CDA staat.

In een drukbezocht Kamerdebat verdedigde Van Weel gisteren de keuze om de banden met Washington niet op het spel te zetten voor een principieel statement. Volgens de bewindsman had de Amerikaanse regering "goede redenen" om in te grijpen in wat hij omschreef als een narcostaat.

"Acht miljoen Venezolanen waren al gevlucht, de omringende landen hebben veel last van de situatie," aldus Van Weel. Hij wees daarbij op de invloed van Iran, Rusland en China, en zelfs de zogenaamde aanwezigheid van Hezbollah en Hamas in het land.

Pragmatisme wint in de Kamer

Van Weel toonde begrip voor de Amerikaanse keuze om alleen Maduro en zijn echtgenote uit het land te verwijderen, een strategie die hij vergeleek met een "chirurgische ingreep" in plaats van volledige regime change. Hij stelde dat Nederland zich nu beter kan richten op zaken waar het wél invloed op heeft, zoals de vrijlating van politieke gevangenen en contact met de oppositie.

Deze Realpolitik vond weerklank bij een meerderheid van de partijen. Coalitiepartners en rechtse partijen als de VVD, PVV, BBB en JA21 steunden de minister. Ook het CDA sloot zich hierbij aan. "Afhankelijkheid van de VS vraagt om volwassen politiek. Geen morele verhevenheid, maar ook niet kritiekloos zijn," vatte CDA-Kamerlid Boswijk het samen. Oppositiepartijen als GL-PvdA, D66 en Volt, die spraken van "imperialistische machtspolitiek" en een gevaarlijk precedent, delfden in het debat het onderspit.

Botsing aan de formatietafel

Buiten de muren van de plenaire zaal, in de beslotenheid van de kabinetsformatie, liggen de kaarten echter anders. D66-leider Rob Jetten weigert zich neer te leggen bij de pragmatische lijn van Van Weel. Tegenover journalisten noemde hij de Amerikaanse actie onomwonden een schending van het internationaal recht: "Daar is geen discussie over."

Jetten gaf aan dat hij dit standpunt ook als eventuele premier zou uitdragen, waarmee hij verder gaat dan het demissionaire kabinet en de meeste EU-lidstaten. Dit brengt hem in conflict met medonderhandelaar Henri Bontenbal (CDA). Bontenbal toont wel begrip voor de terughoudendheid en wijst op de harde realiteit: "Als je ethisch wilt zijn, moet je niet alleen naar principes kijken, maar ook naar de gevolgen. Je moet niet met grote woorden Oekraïne onveiliger maken."

Ook binnen de VVD klinkt de waarschuwing dat president Trump kritiek niet snel vergeet. "Morgen moeten we ze weer vragen om te helpen in Oekraïne," waarschuwde VVD-Kamerlid Van der Burg. "Trump is niet iemand die dan zegt 'ik ben vergeten wat je zei'."

Belgische koorddans

De diplomatieke spagaat beperkt zich niet tot Den Haag; ook in Brussel worstelt de regering met de juiste toon. De Belgische minister van Buitenlandse Zaken Maxime Prévot (Les Engagés) probeert net als Van Weel het evenwicht te bewaren. Zijn prioriteit ligt bij de veiligheid van de 230 Belgen in Venezuela. Hoewel Prévot stelde dat de Venezolanen een "democratisch regime" verdienen, waarschuwde hij wel voor willekeur en riep hij op tot respect voor het internationaal recht.

Deze nuance wordt hem niet in dank afgenomen door de Belgische oppositie. De socialisten (PS) en de marxistische PTB-PVDA kwalificeren de Amerikaanse inval als een "oorlogsmisdaad" en een excuus voor "imperialistische plundering" van grondstoffen. In Brussel leidde dit sentiment zondag al tot een demonstratie van zo'n 400 mensen bij de Amerikaanse ambassade.

Aruba: geopolitiek in de achtertuin

Terwijl politici in Den Haag en Brussel debatteren over juridische kaders, is de realiteit op de Benedenwindse Eilanden tastbaar. Voor Aruba, dat op heldere dagen uitkijkt op de Venezolaanse kust, voelt de geopolitiek beklemmend dichtbij.

Het nieuws van de arrestatie zorgde in de grote Venezolaanse gemeenschap op het eiland voor een mix van ongeloof, euforie en angst. Op het Simón Bolívar-plein in Oranjestad werd gehuild en geroepen om vrijheid (Venezuela libre), maar de vrees voor instabiliteit blijft groot. "Vrijheid komt niet in één dag," klonk het realistisch.

De kwetsbaarheid van de eilanden werd direct duidelijk toen het luchtruim tijdelijk dichtging, wat het toerisme—de levensader van Aruba—kortstondig lamlegde. Minister Brekelmans (Defensie) benadrukte tijdens een bezoek dat er geen directe militaire dreiging is, maar dat de marine en kustwacht waakzaam blijven. Voor de eilandbewoners is de boodschap helder: wat er aan de overkant van de zee gebeurt, bepaalt direct de sfeer in de huiskamer en de economie op straat.