Paradox in Belgische economie: Consument optimistisch, maar bedrijven slaan alarm over ‘economie op
Terwijl de dienstensector (horeca en ICT) in de tweede helft van vorig jaar nog voor een lichte verbetering zorgde, blijft de industrie worstelen met een sterke euro, importtarieven en wereldwijde overcapaciteit.
Er heerst een opvallende tegenstelling in de Belgische economie. Terwijl het consumentenvertrouwen in november naar het hoogste punt in vier jaar steeg (+2), schetsen bedrijfsleiders een veel somberder beeld. Uit de nieuwste conjunctuurenquête van het Verbond van Belgische Ondernemingen (VBO) blijkt dat de economie gevaarlijk afhankelijk is geworden van slechts één groeimotor: de gezinsconsumptie.
Hoewel de toegenomen koopkracht en het optimisme bij gezinnen goed nieuws zijn, waarschuwt het VBO dat dit de structurele problemen in het bedrijfsleven maskeert. De werkgeversorganisatie verwacht voor 2026 een economische groei van 1,1%, vergelijkbaar met 2025. Omdat deze groei bijna volledig leunt op consumptie, terwijl bedrijfsinvesteringen en export achterblijven, is de economie uiterst kwetsbaar voor externe schokken zoals energieprijzen of geopolitieke spanningen.
Harde cijfers: Winstgevendheid en investeringen onder druk
De resultaten van de bedrijfsbarometer laten weinig aan de verbeelding over. Voor het eerst verwacht geen enkele sector in de komende zes maanden extra banen te creëren.
De situatie is ernstig:
- Dalende winst: Bijna 40% van de sectoren meldt een lagere rentabiliteit in de afgelopen zes maanden.
- Investeringsstop: In de helft van de sectoren dalen de investeringen. Wat er nog geïnvesteerd wordt, gaat vooral naar efficiëntie en niet naar uitbreiding.
- Faillissementsgolf: In de eerste elf maanden van 2025 gingen 10.500 bedrijven failliet, het hoogste aantal sinds 2013.
- Bouwsector in zwaar weer: Vooral de bouwsector kreeg klappen met 2400 faillissementen en het verlies van 3000 banen.
Terwijl de dienstensector (horeca en ICT) in de tweede helft van vorig jaar nog voor een lichte verbetering zorgde, blijft de industrie worstelen met een sterke euro, importtarieven en wereldwijde overcapaciteit.
Structureel probleem vraagt om actie
Volgens VBO-topman Pieter Timmermans gaat het niet om een tijdelijke dip, maar om een structureel competitiviteitsprobleem. De loon- en energiekosten in België liggen structureel hoger dan in de buurlanden.
Vijf prioriteiten voor herstel
Om het vertrouwen van ondernemers te herstellen en de economie weer op alle motoren te laten draaien, schuift het VBO vijf cruciale prioriteiten naar voren die de regering snel moet uitvoeren:
- Lagere energiekosten: De politieke beslissing is genomen, maar de implementatie (via lagere nettarieven en Europese fondsen) moet nu volgen.
- De 'Centenindex': Een aanpassing van de loonindexering voor brutolonen boven de € 4000. Dit mag echter geen vestzak-broekzak-operatie worden; de loonkostenhandicap moet structureel omlaag.
- Arbeidsflexibiliteit: Meer mogelijkheden voor overuren, het versoepelen van avondarbeid en een bredere inzet van flexi-jobs.
- Activering van talent: De werkloosheid beperken in de tijd (2 jaar) en strengere trajecten voor langdurig zieken om het arbeidspotentieel te verhogen.
- Minder administratieve lasten: Een absolute stop op nieuwe regels en rapportageverplichtingen voor 2026.
De boodschap van de werkgevers is duidelijk: het huidige consumentenvertrouwen is niet genoeg om de welvaart op termijn te garanderen. Er is nood aan daadkracht om investeringen en export weer op gang te brengen.