OORLOG IN GAZA
3 min lezen
Politieke druk groeit: CD&V en Vooruit willen einde aan Vlaamse handelssteun voor Israël
“We hebben geen tijd voor halfslachtige compromissen. Vlaanderen moet nu kleur bekennen.”
Politieke druk groeit: CD&V en Vooruit willen einde aan Vlaamse handelssteun voor Israël
Een kind raapt gemorste bloem op terwijl Palestijnen op 1 augustus 2025 bij de Zikim-grensovergang in Gaza om beperkte hulp vechten. / AA

De roep om een einde te maken aan de Vlaamse steun aan Belgische bedrijven die investeren in Israël klinkt almaar luider. Zowel CD&V als Vooruit, twee van de Vlaamse regeringspartijen, eisen dat Flanders Investment and Trade (FIT) onmiddellijk stopt met het promoten van handel met Israël. De kwestie, die al langer suddert, is nu uitgegroeid tot een regionaal én federaal breekpunt te midden van de aanhoudende humanitaire crisis in Gaza.

“Wij steunen zware economische sancties tegen Israël. Dat is onverenigbaar met een beleid dat actief de Israëlische economie versterkt,” verklaarde CD&V-voorzitter Sammy Mahdi maandag in Het Nieuwsblad. Eerder al had oppositiepartij Groen opgeroepen tot de sluiting van het FIT-kantoor in Tel Aviv, een voorstel dat nu ook gesteund wordt door CD&V en Vooruit.

FIT onder vuur

FIT, het Vlaamse agentschap voor buitenlandse handel, biedt gratis advies en internationale netwerken aan Vlaamse bedrijven. Maar volgens Vooruit en CD&V is het onhoudbaar dat Israël – midden in een oorlog die volgens internationale waarnemers leidt tot hongersnood en grootschalig burgerleed – nog steeds van deze diensten profiteert.

De kwestie veroorzaakt ook spanningen binnen de Vlaamse coalitie, waar N-VA als grootste partij tot dusver elke duidelijke veroordeling of sanctie tegen Israël heeft afgehouden. Een spoedzitting van het Vlaams Parlement staat gepland om het dossier te bespreken.

Druk op federaal niveau neemt toe

De discussie blijft niet beperkt tot Vlaanderen. Op federaal niveau nemen Vooruit en CD&V eveneens het voortouw in het aanscherpen van de Belgische houding tegenover Israël. Samen met Les Engagés pleiten zij voor strengere sancties én voor de formele erkenning van de Palestijnse staat, zoals eerder al gebeurde in landen als Spanje, Ierland en Noorwegen.

Vooruit-voorzitter Conner Rousseau riep vorige week op tot het vervroegd bijeenroepen van het parlement én de ministerraad, ondanks het zomerreces. “We moeten boven partijgrenzen uitstijgen. Menselijkheid moet primeren,” aldus Rousseau. CD&V-Kamerlid Nawal Farih voegde toe: “Een hoorzitting is onvoldoende. Er moet dringend besluitvorming volgen.”

De federale minister van Buitenlandse Zaken, Maxime Prévot, liet weten dat een beslissing over de erkenning van Palestina ten vroegste in september wordt verwacht. Voor Vooruit is dat te laat.

Juridische druk rond militaire doorvoer

Intussen heeft ook de rechterlijke macht zich uitgesproken. Vorige maand legde een rechtbank in Brussel een verbod op de doorvoer van mogelijk militair relevante goederen naar Israël via Vlaamse havens. Een container met kogellagers werd tegengehouden op basis van mogelijke militaire toepassing.

Hoewel Vlaanderen sinds 2006 een verbod hanteert op rechtstreekse wapenexport naar Israël, blijkt de controle op transitgoederen een zwakke plek. “De exportregels lijken streng, maar transit is veel moeilijker te monitoren,” zei Diederik Cops van het Vlaams Vredesinstituut in Mediahuis.

De Vlaamse regering stelde een beroep tegen de uitspraak uit in afwachting van onafhankelijk juridisch advies.

Vlaanderen kan zelfstandig optreden

Hoewel buitenlandse zaken een federale bevoegdheid is, beschikt Vlaanderen over eigen instrumenten om druk uit te oefenen. Zo kan het naast FIT-beleid ook aandringen op de (gedeeltelijke) opschorting van het EU-Israël Associatieakkoord, dat samenwerking op politiek, economisch en wetenschappelijk vlak regelt. Dat akkoord bevat expliciete mensenrechtenclausules.

CD&V en Vooruit willen verder gaan dan de gedeeltelijke opschorting waarover binnen de Vlaamse regering al enige eensgezindheid bestaat. Ook wetenschappelijke samenwerkingen, zoals deelname aan het EU-programma Horizon Europe, staan ter discussie.

Groen-parlementslid Nadia Naji stelt voor dat elke Vlaamse parlementariër bij dergelijke beslissingen een ethische stem uitbrengt, los van partijdiscipline. “We hebben geen tijd voor halfslachtige compromissen. Vlaanderen moet nu kleur bekennen.”