POLITIEK
4 min lezen
Nederlandse handelsmissie zoekt dialoog met China te midden van opgelopen spanningen
Minister Sjoerdsma zoekt in China naar toenadering na jaren van opgelopen handelsspanningen. Het herstellen van de relatie is een flinke uitdaging, nu sancties, spionagezorgen en felle discussies over staatssteun de agenda domineren.
Nederlandse handelsmissie zoekt dialoog met China te midden van opgelopen spanningen
Sjoerdsma vestigt zijn hoop op nieuwe Europese wetgeving: een aanstaand importverbod op producten die met dwangarbeid zijn gemaakt.

Minister van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking Sjoerdsma is begonnen aan een officieel bezoek aan China. Het doel van de reis is om de bekoelde relatie tussen beide landen te herstellen. De missie vindt echter plaats in een politiek en economisch mijnenveld, gekenmerkt door slepende handelsconflicten en wederzijdse sancties.

Dat de verhoudingen de afgelopen jaren complexer zijn geworden, blijkt alleen al uit de omvang van de delegatie. Waar een vergelijkbare handelsmissie acht jaar geleden nog 165 Nederlandse bedrijven trok, is daar nu nog maar een fractie van over. In plaats van kansen staan ditmaal vooral knelpunten centraal. Volgens Sjoerdsma is de relatie onnodig onder druk komen te staan, onder meer door de eerdere discussie rondom de overname van de Nederlandse chipfabrikant Nexperia.

Groeiend handelsconflict

Een van de fundamentele problemen is het gigantische handelsoverschot van China. Europa importeert dagelijks voor bijna een miljard euro meer uit China dan andersom. Brussel beschuldigt Peking bovendien van marktverstoring; door Chinese staatssteun kampen Europese bedrijven met oneerlijke concurrentie en strenge toetredingsbarrières.

De gevolgen van dit conflict raken inmiddels ook de Nederlandse praktijk. Zo heeft de vleesverwerker VION te maken gekregen met hoge Chinese importheffingen. Deze maatregel van Peking is een directe vergelding voor de Europese tarieven op Chinese elektrische voertuigen.

Tijdens een gezamenlijke bijeenkomst kregen de meegereisde Nederlandse ondernemers de kans om deze en andere zorgen direct voor te leggen aan de Chinese minister van Handel, Wang Wentao.

Chinese grieven en spionagezorgen

De zorgen kwamen echter van twee kanten. Ook Chinese bedrijven maakten van de gelegenheid gebruik om hun beklag te doen over Europees beleid:

  • Yangzhou Yangjie Electronic Technology: Deze chipleverancier voor de Europese auto-industrie werd onlangs door de Europese Raad op een sanctielijst geplaatst omdat hun halfgeleiders zijn aangetroffen in Russisch legermaterieel, waaronder drones en zweefbommen. Vanwege het acute chiptekort in Europa – mede veroorzaakt door eerdere Chinese exportbeperkingen op Nexperia-chips – heeft het bedrijf negen maanden uitstel gekregen. De directie drong er bij Sjoerdsma op aan om deze uitzonderingspositie te verlengen.

  • Nuctech: Deze fabrikant van beveiligings- en scansystemen ligt al langer onder een vergrootglas in Europa vanwege mogelijke spionage-activiteiten voor de Chinese overheid. Eerder dit jaar deed de Europese Commissie nog een inval bij het bedrijf (dat onder meer in Rotterdam kantoor houdt) wegens vermoedens van illegale staatssteun. Nuctech vroeg de Nederlandse minister om de huidige restricties op te heffen.

Voorkomen van een escalatie

Ondanks de waslijst aan problemen benadrukken beide partijen dat een volledige handelsoorlog moet worden vermeden. Sjoerdsma verklaarde nauw contact te onderhouden met EU-handelscommissaris Maros Sefcovic en pleit voor een actievere Europese opstelling. Hij verwees daarbij naar de Verenigde Staten, die erin slagen om op hoog niveau snel en daadkrachtig met China rond de tafel te gaan zitten.

De Chinese minister Wang toonde zich bereid om kwesties rondom subsidies en overcapaciteit te bespreken, al benadrukte hij dat China dit uitsluitend volgens de eigen, binnenlandse regels zal aanpakken.

Opmerkelijke wending

Dat die Chinese regels grillig kunnen zijn, ondervond Sjoerdsma in het verleden persoonlijk. In 2021 werd hij door Peking nog op een zwarte lijst gezet nadat hij zich als Kamerlid kritisch had uitgelaten over de behandeling van de Oeigoeren en dit een genocide noemde. Hoe het mogelijk is dat hij nu als minister wel het land in mag, kon Sjoerdsma niet verklaren.

Wel liet hij weten onveranderd achter zijn eerdere standpunten te staan. Hoewel hij er nu als regeringsvertegenwoordiger zit, benadrukte hij dat de zorgen over de mensenrechtensituatie van de Oeigoeren blijven bestaan.

Sjoerdsma vestigt zijn hoop daarbij op nieuwe Europese wetgeving: een aanstaand importverbod op producten die met dwangarbeid zijn gemaakt. Volgens de minister wordt het daarmee voor China ook een economische noodzaak om de situatie te verbeteren.