Het Federaal Planbureau verwacht dat de spilindex eind dit jaar (2026) onverwacht toch opnieuw zal worden overschreden. Dat blijkt uit de nieuwe inflatievooruitzichten die het bureau dinsdag publiceerde. Eerder ging men ervan uit dat de index dit jaar niet zou worden bereikt, maar door een lichte bijstelling van de inflatieverwachting is dat beeld veranderd.
De herziene prognose voorspelt nu een gemiddelde inflatie van 1,8 procent voor 2026. In de vorige vooruitzichten ging het Planbureau nog uit van 1,7 procent. Hoewel dit cijfer een stijging inhoudt ten opzichte van eerdere schattingen, past het binnen een bredere dalende trend: de inflatie zakt van 3,14 procent in 2024 en 2,47 procent in 2025 naar het huidige niveau.
Deze bijstelling wordt mede beïnvloed door de verwachtingen op de termijnmarkten voor energie. Voor 2026 rekent het Planbureau op een gemiddelde olieprijs van 60 dollar per vat en een aardgasprijs van 26 euro per MWh.
Gevolgen voor lonen en uitkeringen
Het mechanisme van de automatische loonindexering zorgt ervoor dat bij een overschrijding van de spilindex de sociale uitkeringen en de lonen van overheidspersoneel stijgen om de koopkracht te beschermen.
Concrete impact op de kalender:
Maart 2026: In december 2025 werd de spilindex (133,28) al overschreden. Als gevolg van die overschrijding stijgen de sociale uitkeringen en de wedden van het overheidspersoneel in maart 2026 met 2 procent.
December 2026: Volgens de nieuwe prognose zal de volgende spilindex (135,95) in december van dit jaar worden bereikt. Dit zou betekenen dat er begin 2027 opnieuw een indexering van 2 procent volgt voor uitkeringen en ambtenarenlonen.
Voor de privésector variëren de regels: in sommige sectoren worden de lonen maandelijks aangepast, terwijl dit in andere sectoren slechts één keer per jaar gebeurt.
Regering wil indexering plafonneren
Hoewel het huidige mechanisme voorziet in een automatische aanpassing, heeft de federale regering plannen om hierop in te grijpen. De regering is voornemens om de automatische indexering tijdens de huidige legislatuur (tot 2029) twee keer te beperken via een zogenaamde "netto-indexering".
Volgens de huidige plannen zou de volledige indexering enkel gelden voor:
Brutolonen tot 4.000 euro per maand.
Sociale uitkeringen tot 2.000 euro per maand.
Boven deze bedragen zou de indexering worden geplafonneerd. De exacte details, timing en de precieze uitwerking van deze maatregel moeten echter nog worden vastgelegd.











