De financiële situatie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest is dermate ernstig dat een ‘shutdown’ – het stilleggen van openbare diensten – in het voorjaar van 2026 niet langer een theoretisch spookbeeld is, maar een reële dreiging. Dat zegt Dirk De Smedt (Open VLD), de nieuwe Brusselse minister van Begroting. "We moeten op heel korte termijn onze geloofwaardigheid opkrikken, want in april of mei dreigt het geld op te zijn."
Brussel zit intussen al 527 dagen zonder volwaardige regering. In dit politieke vacuüm nam Dirk De Smedt midden oktober de fakkel over van Sven Gatz, die ontslag nam wegens gezondheidsproblemen. De Smedt, voormalig directeur-generaal van de gewestelijke overheidsdienst Brussel Fiscaliteit, windt er in zijn eerste weken geen doekjes om: de tijd dringt.

Financieel drijfzand
De alarmbellen gaan af omdat Brussel steeds moeilijker aan krediet geraakt om tekorten op te vangen. Vorige maand verloor het gewest een cruciale kredietlijn van 500 miljoen euro bij Belfius. Momenteel lopen er nog onderhandelingen met ING om de financiering voort te zetten, maar garanties zijn er niet.
Open VLD-voorzitter Frédéric De Gucht scherpt de waarschuwing verder aan: "Het is niet vijf voor twaalf, maar kwart na twaalf. De kans dat ook ING de geldkraan dichtdraait, is vrij groot." Volgens De Gucht en De Smedt dreigt het gewest in april of mei – wanneer de dotaties aan de gemeenten en het vakantiegeld voor het personeel betaald moeten worden – simpelweg geen cash meer te hebben.
Doemscenario: Ambtenaren op non-actief
Een shutdown zou verstrekkende gevolgen hebben. In dat scenario kunnen facturen niet meer betaald worden, worden subsidies stopgezet en dreigen personeelsleden op non-actief gezet te worden. "Verschillende mensen, diensten en organisaties zullen een koude douche krijgen", waarschuwt De Gucht. Benjamin Dalle (CD&V) spreekt van een "nachtmerriescenario" met directe gevolgen voor de dienstverlening aan de burger.
De Smedt heeft inmiddels het Financieel Strategiecomité bijeengeroepen om een noodplan op te stellen. "We moeten anticiperen op het onmogelijke en bepalen welke uitgaven prioriteit krijgen in zo'n scenario," aldus de minister.
Weg met "Business as usual"
Toen De Smedt drie weken geleden aantrad, schrok hij naar eigen zeggen van de mentaliteit binnen de Brusselse instellingen. "Ik kreeg heel erg de indruk dat men in een modus van business as usual zat. Het besef van hoogdringendheid, de sense of urgency, ontbrak volledig."
Volgens de minister moet er, ook in lopende zaken, efficiënter gewerkt worden. "We moeten de begroting correct uitvoeren, maar elke euro drie- of viermaal omdraaien. Het is onverstandig om te blijven investeren als de financiële situatie dat niet toelaat."
Structuren versus mensen
Als voorbeeld van waar het efficiënter kan, wijst De Smedt naar de daklozenorganisatie Samusocial. De organisatie klaagt over vertragingen in subsidies, maar De Smedt plaatst vraagtekens bij de bestedingen. "Samusocial beschikt over bijna 68 miljoen euro. Dat moet volstaan als je kijkt naar de reële opvang."
De minister hekelt de bureaucratie: "Ik denk dat we in Brussel te vaak structuren financieren en te weinig de mensen zelf." Hij vraagt zich af of de administratieve lasten en compliancy-regels niet disproportioneel zijn, waardoor middelen weglekken naar regeltjes in plaats van naar hulp op het terrein.
Oproep tot regeringsvorming
Hoewel De Smedt en zijn team proberen het tij te keren met systeemwijzigingen, blijft de politieke impasse de grootste molensteen. "Een eerste stap van de oplossing moet een regering in volheid van bevoegdheid zijn," benadrukt De Smedt. Ook Benjamin Dalle roept de onderhandelaars op om na acht weken "aanmodderen" eindelijk tot een akkoord te komen. Zolang dat uitblijft, tikt de klok genadeloos verder richting een mogelijke financiële stilstand in het voorjaar.







