WERELD
4 min lezen
Jaarlijks verdwijnen honderden niet-begeleide minderjarige migranten
In België zijn er vorig jaar 774 niet-begeleide minderjarige migranten verdwenen, zo'n vijftien per week. Van deze verdwijningen werden er 101 als “zeer onrustwekkend” geclassificeerd. “Dit zou ondenkbaar zijn als het om Belgische kinderen ging."
Jaarlijks verdwijnen honderden niet-begeleide minderjarige migranten
"Dit zou ondenkbaar zijn als het om Belgische kinderen ging" / AP
9 juli 2025

Een meisje dat bekend was om het risico op ontvoering door mensensmokkelaars, verdween ondanks de waarschuwingen. Eveneens verdween een jongen die 's avonds niet terugkeerde naar het opvangcentrum, terwijl zijn kleding, documenten en waardevolle bezittingen nog in zijn kastje lagen. Deze twee gevallen zullen altijd in het geheugen van David Lowyck blijven. Wat er uiteindelijk met hen is gebeurd, blijft onbekend, aldus de directeur van Minor Ndako, een organisatie die zich richt op de jongste niet-begeleide vluchtelingen en migranten.

Volgens gegevens die Kamerlid Matti Vandemaele (Groen) heeft opgevraagd, zijn er vorig jaar 774 jongeren verdwenen die zonder begeleiding van een wettelijk verantwoordelijke volwassene in ons land arriveerden. Van deze jongeren werden er 246 teruggevonden, maar de meeste dossiers blijven “gewoon openstaan”, zegt Emilie Coomans van Child Focus, die zich richt op de verdwijning van deze jongeren. Wanneer een ‘Belgische’ minderjarige verdwijnt, wordt deze in ongeveer 90 procent van de gevallen binnen tien dagen teruggevonden. Dit is echter anders voor de doelgroep waarmee Coomans werkt. Bovendien wijst ze op een aanzienlijk aantal jongeren dat niet wordt geregistreerd, omdat ze zich niet aanmelden voor opvang en daardoor nooit als vermist kunnen worden opgegeven.

Hoe komt het dat er zoveel minderjarigen uit het zicht verdwijnen? Lowyck wijst op verschillende oorzaken, waarvan sommige zeer zorgwekkend zijn: ze worden gedwongen om geld te betalen aan mensensmokkelaars en raken betrokken bij criminaliteit, waar ze worden ingezet als drugskoeriers of prostituees. “Sommigen zijn onderweg naar landen zoals Engeland, of zwerven door Europa. Hun asielaanvraag is afgewezen of ze geloven dat hun kansen op bescherming minimaal zijn.” Hierdoor willen ze vaak niet gevonden worden, legt hij uit: “Jongeren maken gebruik van verschillende aliassen.” Dit bemoeilijkt het verkrijgen van inzicht in de situatie. Bovendien kunnen jongeren ook meerdere keren in de officiële statistieken voorkomen, nuanceert woordvoerder van FOD Justitie, Sharon Beavis.

Verdwijningscijfers

De cijfers van verdwenen niet-begeleide minderjarigen in Europa vertonen al jarenlang een stijgende lijn. Dit werd eerder aangetoond in het onderzoeksproject Lost in Europe, waaraan De Standaard heeft bijgedragen. Tussen 2018 en 2021 werden er 18.000 verdwijningen geregistreerd in Europa, terwijl dit aantal tussen 2021 en 2023 al meer dan 51.000 bedroeg. In deze laatste periode verdwenen er 2257 minderjarigen in België, waardoor ons land tot de top drie behoort van de dertien ondervraagde landen. Sindsdien lijkt er weinig verbetering te zijn, zoals blijkt uit de 774 verdwijningen in 2024.

In zowel 2024 als het voorgaande jaar werden ongeveer 100 verdwijningen als “onrustwekkend” geclassificeerd. Dit betreft bijvoorbeeld kinderen jonger dan dertien jaar, degenen die dringend medicatie nodig hebben, of wanneer er aanwijzingen zijn dat hun leven in gevaar is. De cijfers geven echter geen inzicht in het aantal teruggevonden jongeren.

In principe wordt elke verdwijning gemeld bij de politie, vaak door organisaties zoals Fedasil, betrokken hulpverleners of de voogd – een vrijwilliger die verantwoordelijk is voor de minderjarige. Tegelijkertijd wordt er een “verdwijningsfiche” opgesteld met alle beschikbare informatie. Echter, deze fiches bevatten niet altijd relevante gegevens. Jongeren verdwijnen vaak nog voordat er duidelijkheid is over hun situatie. “Daarom is het essentieel om hun vertrouwen te winnen,” aldus Lowyck.

Dit is volgens Emilie Coomans van Child Focus een belangrijk knelpunt. De voogd die aan een minderjarige wordt toegewezen na zijn aankomst, fungeert als een vertrouwenspersoon en is goed op de hoogte van de situatie, wat cruciale informatie kan opleveren bij een verdwijning. Het duurt echter gemiddeld twee tot drie maanden voordat zo’n voogd wordt toegewezen, waardoor er volgens Coomans waardevolle tijd verloren gaat.

Hoger Bewustzijn

Jongeren worden vaak geplaatst in grote opvangcentra, waar ze beperkte persoonlijke begeleiding ontvangen. Dit maakt het voor Coomans lastig om het risico op verdwijning nauwkeurig in te schatten en om preventieve maatregelen te nemen. Wanneer een verdwijning zich voordoet, is het doorgaans Fedasil, het federale agentschap dat verantwoordelijk is voor deze centra, dat de verdwijningen rapporteert. De beslissing over de verdere stappen na zo'n melding ligt echter bij de politie.

De Cel Vermiste Personen, die normaal gesproken verantwoordelijk is voor het onderzoeken van verdwijningen, kan volgens persattaché van de federale politie, Jana Verdegem, niet aangeven hoeveel onderzoeken er zijn uitgevoerd naar niet-begeleide minderjarigen. Coomans wijst op de aanzienlijke werklast binnen de politie. Van de kinderen die David Lowyck (Minor Ndako) in de loop der jaren heeft zien verdwijnen, is er voor geen enkele een onderzoek geopend door de Cel Vermiste Personen. “Ik begrijp dat er een hoge werkdruk is. Maar het betreft hier minderjarigen die spoorloos zijn. Dit zou ondenkbaar zijn als het om Belgische kinderen ging.”