WERELD
3 min lezen
Erkenningsgraad asiel duikt onder 30 procent: strenger beleid en dalende aanvragen markeren 2025
De forse daling in de erkenningscijfers heeft twee belangrijke oorzaken. Ten eerste de opschorting van de behandeling van Syrische dossiers gedurende tien maanden. Daarnaast werd prioriteit gegeven aan dossiers van mensen met een zogenaamde M-status.
Erkenningsgraad asiel duikt onder 30 procent: strenger beleid en dalende aanvragen markeren 2025
ARCHIEFFOTO - Hoewel de uitstroom uit het opvangnetwerk van Fedasil stijgt, belanden er nog steeds mensen op straat / AP
28 januari 2026

Voor het eerst sinds 2013 is de beschermingsgraad voor asielzoekers in België onder de 30 procent gezakt. Tegelijkertijd is ook het aantal nieuwe asielaanvragen in 2025 gedaald. Minister van Asiel en Migratie Anneleen Van Bossuyt (N-VA) spreekt van een ommekeer na jaren van crisis en kondigt een nieuw ‘terugkeeroffensief’ aan, inclusief premies voor Syriërs en diplomatieke missies naar herkomstlanden.

Uit de statistieken van het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen (CGVS), die dinsdag werden gepresenteerd, blijkt dat de beschermingsgraad in 2025 op 28,4 procent landde. Een jaar eerder lag dit percentage nog op 47,2 procent. In totaal werden vorig jaar 34.439 asielaanvragen geregistreerd, een daling ten opzichte van de bijna 40.000 aanvragen in 2024. Vooral in de laatste vier maanden van het jaar nam het aantal aanvragen sterker af dan het Europese gemiddelde.

Oorzaken van de daling

De forse daling in de erkenningscijfers heeft twee belangrijke oorzaken. Ten eerste werd de behandeling van Syrische dossiers gedurende tien maanden opgeschort na de val van het regime van Bashar al-Assad. Syriërs waren jarenlang de grootste groep vluchtelingen, maar door de gewijzigde situatie in hun thuisland is hun beschermingsgraad gezakt naar ongeveer 24 procent. Het aantal Syrische aanvragen daalde in 2025 zelfs met 74 procent.

Daarnaast heeft het CGVS prioriteit gegeven aan dossiers van mensen met een zogenaamde 'M-status'. Dit zijn asielzoekers die al een beschermingsstatus hebben in een andere EU-lidstaat (vaak Palestijnen uit Griekenland). Hun kans op asiel in België is miniem en onder de nieuwe regels hebben zij geen recht meer op opvang.

De top 5 van herkomstlanden in 2025 bestond uit de Palestijnse gebieden, Eritrea, Afghanistan, de Democratische Republiek Congo (DRC) en Turkije.

Nieuw terugkeeroffensief

Minister Van Bossuyt noemt het terugkeerbeleid de "achilleshiel" van het Belgische asielmodel en wil dit jaar een versnelling hoger schakelen.

  • Premie voor Syriërs: De regering lanceert een specifiek steunpakket om vrijwillige terugkeer naar Syrië te stimuleren. Syriërs die snel beslissen terug te keren, kunnen rekenen op steun ter waarde van 5000 euro (in natura, zoals huisvesting of opleiding). Voor wie illegaal in het land verblijft, is dit 3000 euro.

  • Diplomatieke missies: De minister plant missies naar Turkije en de DRC om terugnameakkoorden af te dwingen volgens een "voor wat, hoort wat"-principe. Ook wil men ter plaatse desinformatie van mensensmokkelaars bestrijden.

  • Gesprekken met de Taliban: België neemt in Europees verband deel aan technische gesprekken met het Taliban-regime in Afghanistan. Doel is de gedwongen terugkeer van criminele en uitgeprocedeerde Afghanen mogelijk te maken. Dit ligt politiek gevoelig en stuit op kritiek van mensenrechtenorganisaties en de Afghaanse gemeenschap, die benadrukken dat Afghanistan geen veilig land is.

Operationele uitdagingen blijven

Ondanks de dalende instroom blijft de druk op de instanties hoog. Sophie Van Balberghe, commissaris-generaal van het CGVS, meldt dat er nog steeds een achterstand is van ruim 24.000 dossiers. De complexiteit van de dossiers neemt toe, terwijl er kampt wordt met een personeelstekort.

Ook de opvangcrisis is nog niet volledig bezworen. Hoewel de uitstroom uit het opvangnetwerk van Fedasil stijgt, belanden er nog steeds mensen op straat, mede door de strikte regels voor asielzoekers die elders in Europa al bescherming genieten. De overheid is hiervoor al meermaals veroordeeld.

Om de capaciteitsproblemen aan te pakken investeert de regering in extra plaatsen in gesloten centra. Tegen eind 2026 moet ook een tweede ‘Dublin-centrum’ openen, specifiek voor asielzoekers die in een ander EU-land hun procedure moeten doorlopen.