Bijna 1 op de 10 werkende inwoners van Brussel leeft onder de armoedegrens, zo blijkt uit een nieuw rapport van het Brusselse zorgagentschap Vivalis dat dinsdag werd gepubliceerd. Het rapport benadrukt de aanhoudende financiële onzekerheid waarmee de beroepsbevolking van de stad te maken heeft.
Uit het rapport blijkt dat 9,6 % van de werkende Brusselaars als “werkende armen” wordt beschouwd, bijna het dubbele van het nationale gemiddelde van 4,7 %, zo meldt persbureau Belga.
Ook de regionale verschillen zijn aanzienlijk: in Wallonië leeft 5 % van de bevolking in vergelijkbare omstandigheden, in Vlaanderen is dat 3,7 %.
Vivalis waarschuwt dat deze cijfers de omvang van het probleem waarschijnlijk onderschatten, aangezien de nationale statistieken geen rekening houden met de complexe mix van kortlopende contracten, meerdere deeltijdbanen en niet-aangegeven voltijdwerk die in de hoofdstad veel voorkomen.
Werkende armen
Het bureau deelt de werkende armen in drie groepen in: mensen met opeenvolgende kortlopende contracten, “hybride” werknemers die meerdere onzekere banen combineren, en “onzichtbare” voltijdse niet-aangegeven werknemers.
Hoge woonlasten, onzekere banen, slechte huisvesting en schulden maken het voor deze werknemers nog moeilijker om aan de armoede te ontsnappen, aldus het rapport.
Vivalis riep op tot betere gegevens over niet-aangegeven werknemers en eenvoudigere arbeidsmarktregels, waaronder duidelijkere definities van arbeidsstatussen.
Het agentschap benadrukte ook dat werk en sociale bescherming elkaar moeten aanvullen in plaats van met elkaar te concurreren, aangezien veel uitkeringsontvangers weliswaar een baan hebben, maar nog steeds afhankelijk zijn van staatssteun.









