De Duitse grenspolitie stopt met het willekeurig over de grens zetten van vreemdelingen die vanuit Nederland worden geweigerd. De Koninklijke Marechaussee en de Bundespolizei hebben nieuwe afspraken gemaakt om de overlast in Nederlandse grensgemeenten tegen te gaan. Voortaan worden teruggestuurde personen alleen afgezet op locaties met aansluiting op het openbaar vervoer.
De maatregel volgt op groeiende onrust in grensdorpen zoals het Gelderse ’s-Heerenberg en het Limburgse Venlo. Sinds Duitsland in september vorig jaar verscherpte grenscontroles invoerde om illegale immigratie tegen te gaan, zijn honderden mensen aan de grens geweigerd.
Einde aan ‘koude overdrachten’ in de berm
In de periode van augustus tot en met oktober werden 158 vreemdelingen door de Duitse politie teruggebracht naar Nederland zonder fysieke overdracht aan de Marechaussee. Bij deze zogeheten ‘koude overdrachten’ werden mensen soms op willekeurige plekken, zoals parkeerplaatsen of in de berm, uit de auto gezet.
Dit leidde tot onveilige situaties en overlast. Inwoners van ’s-Heerenberg meldden dat zij regelmatig onbekende groepen door de straten zagen dwalen. Burgemeester Anne-Marie Fellinger van de gemeente Montferland noemde de situatie eerder "zorgwekkend" en pleitte voor een humanere aanpak: "Iedereen verdient een veilige en waardige behandeling. Acceptabel is alleen een overdracht met adequate begeleiding."
Overstappunten met openbaar vervoer
Om te voorkomen dat vreemdelingen gaan rondzwerven in kleine grenskernen, zijn er nu ‘speciale afzetplekken’ aangewezen. Volgens de nieuwe werkwijze worden geweigerde reizigers naar locaties gebracht waar bussen of treinen beschikbaar zijn.
"Het doel is voorkomen dat ze gaan ronddwalen of overlast veroorzaken," bevestigt een woordvoerder van de Marechaussee. De Bundespolizei benadrukt dat Nederland verplicht is personen terug te nemen die de toegang tot Duitsland wordt geweigerd, maar erkent dat dit ordentelijk moet verlopen. Hoewel ‘koude overdrachten’ wegens capaciteitsproblemen bij de Marechaussee zullen blijven voorkomen, is de belofte dat mensen niet meer in "the middle of nowhere" stranden.
Kritiek op grenscontroles: ‘Symboolpolitiek’
De situatie speelt zich af tegen de achtergrond van een verhardend asielbeleid in beide landen. In navolging van Duitsland is ook Nederland (sinds 9 december) begonnen met intensievere controles aan de binnengrenzen. De Koninklijke Marechaussee voert deze controles uit binnen de bestaande, beperkte capaciteit, waardoor er geen permanente slagbomen of files zullen ontstaan, maar steekproefsgewijze controles plaatsvinden.
Burgemeesters van grensgemeenten reageren echter kritisch op de verhoogde grensbewaking. Jeroen Diepemaat, burgemeester van Losser, noemt de maatregelen "symboolpolitiek" van het kabinet-Schoof. Volgens hem wegen de resultaten (het onderscheppen van migranten) niet op tegen de kosten: "Het gaat ten koste van politiecapaciteit en zorgt voor files en sluipverkeer."
Ook Marjon de Hoon-Veelenturf, burgemeester van Baarle-Nassau en voorzitter van het Bestuursnetwerk Grensoverschrijdende Samenwerking, waarschuwt voor economische schade. Zij stelt dat de files en het sluipverkeer door de Duitse werkwijze het vestigingsklimaat in de grensregio aantasten en de mentale drempel om de grens over te steken verhogen.
Ondanks de kritiek en de logistieke uitdagingen blijven de controles voorlopig van kracht. Minister Faber (Asiel en Migratie) heeft aangegeven dat de controles nodig zijn vanwege "de voortdurende dreiging voor de openbare orde" en om mensensmokkel aan te pakken.











