Tussen 9 en 12 februari 2026 vormden België en Nederland het strategische middelpunt van ‘Allies 2026’, een grootschalige internationale veiligheidsoefening onder leiding van Europol. Tijdens de oefening trainden speciale eenheden uit 12 EU-lidstaten op het onderscheppen van terroristen en drugssmokkelaars die zich razendsnel over de Europese grenzen verplaatsen.
De coördinatie van de vierdaagse operatie vond plaats op het hoofdkwartier van Europol in Den Haag. Centraal stond de samenwerking tussen observatieteams, air marshals en speciale interventie-eenheden (het ATLAS-netwerk). Er werd specifiek getest hoe informatie over ‘targets’ in realtime kan worden overgedragen wanneer zij landgrenzen oversteken.
België als startpunt voor antiterreuroefening
Een van de twee hoofdscenаrio's, gedoopt Operatie Cargill, ging van start in België. In dit gesimuleerde scenario werden verdachten gevolgd die aanslagen beraamden op kritieke infrastructuur.
De focus lag hierbij op de beveiliging van vitale sectoren die ook in de werkelijkheid onder hoogspanning staan:
Elektriciteitscentrales en windmolenparken: Het testen van de reactiesnelheid bij dreigingen op het energienet.
Oliehavens: Gezien de strategische rol van de havens van Antwerpen en Zeebrugge was dit een cruciaal onderdeel van de training.
De verdachten in het scenario vluchtten vanuit België via Luxemburg naar Nederland en Duitsland, waarna ze uiteindelijk in Roemenië werden overmeesterd. De oefening bewees dat de Belgische en Nederlandse autoriteiten nauw moeten samenwerken om vitale knooppunten in de regio te beschermen tegen hybride dreigingen.
Drugs en cryptovaluta in Rotterdam en Amsterdam
Het tweede scenario, Operatie Shamrock, richtte zich op de georganiseerde misdaad en had een sterke Nederlandse component. In dit verhaal reisden verdachten vanuit Ierland naar de Randstad om drugs aan te kopen met cryptovaluta.
Amsterdam & Rotterdam: De ‘targets’ vlogen naar Amsterdam, waar ze werden geschaduwd door observatieteams. Na een overnachting in Rotterdam vertrokken ze per auto richting Frankrijk met (fictieve) drugs aan boord.
High-tech achtervolging: Tijdens de verplaatsingen tussen de Nederlandse steden en de Franse kust werd gebruikgemaakt van NEOS, een nieuw Europees communicatieplatform waarmee agenten live operationele details en camerabeelden kunnen delen.
Conclusie: Betere grip op de grens
Volgens Europol was de oefening essentieel om de "handover" – het moment waarop het ene land de surveillance overdraagt aan het andere – te optimaliseren. Voor België en Nederland, die door hun geografische ligging en logistieke knooppunten vaak te maken krijgen met grensoverschrijdende criminaliteit, onderstreept Allies 2026 het belang van digitale interoperabiliteit.
De deelnemende landen waren: België, Nederland, Oostenrijk, Tsjechië, Frankrijk, Duitsland, Hongarije, Ierland, Luxemburg, Portugal, Roemenië en Slowakije.









